Laatst gewijzigd op 24 april 2017
Laatst gewijzigd op 24 april 2017

Column: Waaiermagie

Iedereen weet hoe zwaar het in je eentje kan zijn; tegenwind. Als groep kun je hiermee slim omgaan door in een waaier te rijden. De voorste renner rijdt zo veel mogelijk aan de kant van de wind en de anderen rijden daarachter in de luwte.
Column: Waaiermagie

Waaierrijden is nog niet zo gemakkelijk. Of het goed gaat kan je aflezen. Zijn er tempoversnellingen? Zie je geslinger? Zie je dat het opschuiven in de waaier egaal gaat, of zie je soms de benen stil en dan weer aanzetten? Zie je dat in een bocht al geanticipeerd wordt op de andere windrichting erna? Wordt er na een bocht gecheckt of iedereen in het wiel zit? Wordt er veel geroepen of geschreeuwd, of is er een rustig woord, een blik, een gebaar, een duwtje?

Waaierrijden doen we op het vlakke als vanzelf, maar je raakt nooit uitgeleerd. Niet overnemen maar afgeven, met het bekende teken met de elleboog. En als iemand niet wil overgeven, ‘aftikken’. Niet versnellen, maar het tempo constant houden. Ritsen we soepel en zonder hectiek in en uit bij tegenverkeer? Communiceren we met de andere weggebruikers?

"Waaierrijden is trappen, kijken en praten"

Enkele waaier, dubbele waaier, serie waaiers. Allemaal keuzes gericht op efficiëntie. In een enkele waaier geven een aantal rijders snel af, er ontstaat een dubbele waaier. Totdat een sterke man of vrouw een langere beurt neemt, de dubbele waaier leegloopt en er weer een enkele waaier ontstaat. Niet rigide zijn in waaiervorm en formatie, maar ermee spelen. Na een bocht eventuele gaten in de opgaande rij opvullen door vanuit de afvallende rij over te steken. Niet de vorm is belangrijk, maar wat het oplevert: efficiëntie.

Waaierrijden is trappen, kijken en praten. De kopman moet gecoacht worden. Tikkie links/rechts.” Iemand die versnellend overneemt, gecorrigeerd. Iemand die niet meer kan overnemen, gesommeerd om een beurt over te slaan. Wijzen op tegenliggers. Enzovoort. Waaier rijden vraagt om lef tot leiderschap. De zwakkeren in een groep roepen op tijd “tussen” en slaan een beurt over, onder het motto ‘zwakke benen, grote mond!’ De sterkeren duwen iemand die niet makkelijk op kop komt vanuit de tweede positie ‘door de kop heen’. Of blijven achteraan om iemand te duwen, zodat die niet los raakt.

En dan, soms, gebeurt het: het gaat hard, maar ziet er langzaam uit. Het gaat vloeiend, er wordt weinig en rustig gepraat. Er ontstaat een soort stilte in het oog van de rondraaiende storm: de magie van het waaierrijden.

Tegen de wind in beuken? Wij geven je 5x Tips.

Geschreven door Theo Heuzen

Slimmer fietsen

Theo Heuzen is amateurwielrenner/-schaatser, organisatieadviseur en medeauteur van SlimmerFietsen.

Meer over waaierrrijden

Deel dit artikel