• Training
  • Gewijzigd op 10 april 2024

Solo of samen trainen?

Een bekend Afrikaans gezegde luidt: ‘alleen ga je sneller, maar samen kom je verder’. In je eentje ben je sneller vertrokken, maar is het samen veel gemakkelijker om gemotiveerd te blijven.
Solo of samen trainen?
Solo of samen trainen?
Het grote verschil tussen solo of samen trainen is simpelweg dat een solorit een stuk makkelijker te organiseren is. Een grote aantrekkingskracht van wielrennen of mountainbiken is dat je van niemand of niets afhankelijk bent om je training te gaan doen. Daarom ben je in je eentje sneller vertrokken, maar is het samen veel gemakkelijker om gemotiveerd te blijven. Wij mensen zijn nu eenmaal sociale dieren en wanneer je zeker weet dat je fietsvrienden op je staan te wachten, spring je ook met slecht weer net even makkelijker op de fiets. Hierdoor is het gewoonweg gemakkelijker om consistent te blijven trainen. Uiteindelijk is consistentie het belangrijkste van beter worden en kom je dus verder.

Maar natuurlijk is ook de invulling van training van belang. Met een groep op pad gaan, betekent dat je je zal moeten aanpassen. Of het niveau van de groep nou hoger of lager ligt dan jouw niveau, maakt niet uit. Je kan met een groep niet volledig je eigen plan trekken en je eigen specifieke intervallen doen. Om het ook voor iedereen gezellig te houden, zou ik dat ook niemand aanraden.

Complete chaos

Mijn advies is een groepsrit vooral te gebruiken om een goede duurrit te doen. Bewaar je intensieve kortere trainingen voor je soloritjes. Je kan in een groepsrit juist wel aan de hoge kant van de duurzone op kop fietsen, zodat zeker met wind tegen de rest in het wiel niet hoeft te freewheelen. Als je eventueel toch een paar intervallen zou willen doen, zorg dan dat je van tevoren de groep inlicht wat je van plan bent. Misschien dat er dan nog wel iemand met je wil meedoen, maar zorg er voor dat je niet complete chaos creëert omdat je ineens begint te versnellen.

"Mijn advies is een groepsrit vooral te gebruiken om een goede duurrit te doen"

Maar misschien wel het grootste verschil tussen de solorit en de groepsrit is uiteraard het (bij een gebrek aan een goed Nederlands woord) ‘drafting effect’. Oftewel het schuilen achter elkaar en daarmee veel minder energie (vermogen) hoeven leveren dan je voorganger. In studies met windtunnels of computermodelen wordt vaak in het wiel een verminderde luchtweerstand gevonden van tussen de 25 en 50 procent, afhankelijk van de afstand tot het wiel van de voorganger, groepsgrootte en natuurlijk fietsposities. 

Dit betekent niet dat je dus ook 25 tot 50 procent minder vermogen hoeft te fietsen. Hoeveel minder is namelijk afhankelijk van heel andere factoren en vooral van de snelheid. Een wielrenner van 80 kilo zal in windstille omstandigheden bij 20 graden ongeveer 30 kilometer per uur fietsen met 180 watt. Met 40 procent minder luchtweerstand in het wiel heb je dan nog maar 115 watt nodig. Bij 40 kilometer per uur moet dezelfde wielrenner op kop 350 watt fietsen en met dezelfde 40 procent minder luchtweerstand slechts 235 watt.

Pelotons

Deze verschillen zijn voor pelotons nog veel groter. Zo is er een studie die laat zien dat het mogelijk is om achterin het peloton zelfs slechts vijf tot tien procent van de luchtweerstand te ervaren van een geïsoleerde renner. Misschien minstens even interessant is het gegeven dat ook op kop van het peloton minder vermogen geleverd hoeft te worden met een peloton in het wiel dan in je eentje. Ook al neemt iemand in je wiel dus niet over, dan heb je dus toch nog iets aan diegene.

"Achterin het peloton zelfs slechts vijf tot tien procent van de luchtweerstand te ervaren van een geïsoleerde renner"

Deze 90 procent luchtweerstandsvermindering treedt wel alleen op bij een gigantische groep zoals een peloton. Omwille van de controleerbaarheid en veiligheid raadt de NTFU het sowieso al af om met meer dan veertien fietsers de openbare weg op te gaan. Daar komt bij dat je in het vierde wiel ook gaat merken dat je dusdanig weinig vermogen hoeft te leveren, waardoor de training een stuk minder effectief wordt. Vooral met een vermogensmeter zie je dit verschil pas echt. Met een hartslagmeter is dit minder duidelijk zichtbaar, omdat de hartslag in het wiel relatief wat hoger blijft. Je gaat namelijk vaak wat meer praten en je hebt iets meer stress van het moeten opletten in de groep.

Je kan dan proberen iets meer in de wind te fietsen of te zorgen dat iedereen de kopbeurten wat intensiever maakt. Maar misschien is wel het beste er dan gewoon vrede mee te hebben dat de groepsrit ietsje minder bijdraagt aan de conditie en wat socialer van aard is. De volgende keer maak je dat weer goed met een flinke solorit. Zo wissel je trainingen namelijk af. Houd je het leuk voor jezelf en zul je uiteindelijk het verst komen!

Zo word je een betere fietser

Wil je jezelf verbeteren, maar niet vastzitten aan te strakke trainingsschema’s? Download de trainingsapp JOIN! Voor NTFU- en Fietssport PLUS-leden is deze beschikbaar met een korting van maar liefst 25 procent.

Join the app
Jim van den Berg
Door Jim van den Berg

Oprichter en eigenaar van Cyclinglab en de JOIN Cycling app. Samen met voormalig profwielrenner Laurens ten Dam en Stefan Bolt maakt Jim de succesvolle Beter Worden Podcast.

Dit vind je misschien ook interessant