• Routes + Reizen
  • Gewijzigd op 17 maart 2026

Gravelroute: Tussen Hemel en Hel

Tussen Helvoirt en Hemelrijk slingert een gravelbedevaart vol Brabants karakter: vrolijk, gastvrij en eigenzinnig. Langs kapellen, heide en verborgen paden. Soms hemels soepel, soms hels zanderig.
Gravelroute: Tussen Hemel en Hel
Gravelroute: Tussen Hemel en Hel
 ‘Flinke, ferme en gewône ûtsmijters, soepe en belegde broojkes, heerlijk lekkers van dun boer.’ Zo staat het op de menukaart van Herberg In den Bockenreyder in Esbeek. Als je het hardop probeert te lezen - wat ik zou afraden als je hier niet vandaan komt - dan proef je al iets van de warmte uit deze streek. Ook op deze frisse fietsdag.

Het Brabants is een taal die zich niet haast of gek laat maken, maar wel één die ergens thuishoort, die diepgeworteld is. Laat dat nou precies zijn waar we vandaag naar op zoek gaan. Niet de wortels van ‘èrpels’ (aardappelen) of ‘suukerpeej’ (suikerbieten), maar die van onszelf. Van waarom we fietsen.

"Het Brabants is een taal die zich niet haast of gek laat maken, maar wel één die diepgeworteld is"

Van waarom we soms gravel zoeken waar anderen altijd asfalt nemen. Maar vooral van waarom we, in hemelsnaam, een route uitstippelen ergens tussen Helvoirt en Hemelrijk, alsof we ons hele aardse bestaan zo nodig in negentig Brabantse en enkele Belgische kilometers willen proppen. Of in honderddertig, voor wie nog wat langer wenst te dwalen tussen bekering en bekoring, van verzuring naar verlossing.

Ontdekking van de hemel

Maar goed. Daar zijn we dan, in Hilvarenbeek. Ergens in het heel vroege voorjaar, zeg maar gerust winter. De dag begint met een geruststellende gedachte: vandaag rijden we weg uit de hemel, maar we keren er ook weer terug. Herberg Den Hemel, om precies te zijn, waar de jongen achter de bar knikt alsof hij weet waar we naartoe gaan. Misschien weet hij het ook wel. Misschien heeft hij de blik in onze ogen al gezien, die mengeling van naïef optimisme en ondeugend verlangen die vaak het begin van een lange fietstocht kenmerkt.

"De eerste kilometers zijn een makkie. Asfalt dat zich voordoet als een goede vriend"

De eerste kilometers zijn een makkie. Asfalt dat zich voordoet als een goede vriend. Klinkers die vriendelijk knikken. Brabant laat zich nog van z’n zachtste kant zien. Hier en daar een boerderij, en bijna vanzelfsprekend: een kapelletje. Wat opvalt, is hoe schoon ze zijn. Geen afbladderende verf, geen vergeten hoekjes, maar verzorgd alsof iemand om de dag langskomt met een emmer sop en een zachte borstel. Verse bloemen in een jampotje. Een briefje met een wens, of een gebed. We lezen het niet. Sommige dingen zijn privé, zelfs langs een openbare route.

“Wie doet dat eigenlijk?”, vraagt Marina, mijn fietsgenote van vandaag.

“Mensen uit de buurt”, zeg ik, alsof dat het juiste antwoord is. Maar het is wel een antwoord. Mensen die geloven dat sommige dingen de moeite waard zijn om bij te houden. In verwarrende tijden tonen deze kapelletjes een ander tempo. Het tempo van aandacht.

Lof voor Oirschot

In 2024 besloot de gemeente Oirschot dat het leven te kort is voor alleen maar asfalt, en legde ze een serie paden aan die zo natuurlijk in het landschap liggen dat je zou zweren dat ze er altijd al waren. Dit is gravel dat vertrouwen geeft, waar je al snel een tandje zwaarder schakelt, maar even snel merkt dat er nog wat extra getraind mag worden de komende maanden.

We moeten omrijden vanwege wegwerkzaamheden - kennelijk is er ook in de hemel wel eens wat onderhoud nodig - maar ook de omweg leidt naar een plek die elke fietser even stil krijgt. De Kapel van de Heilige Eik ligt verscholen tussen bomen in het dal van de Beerze. Er brandt een kaarsje. “Hemels plekske”, zeg ik. Marina knikt. Sommige plekken hoef je niet verder uit te leggen.
 
Geïnteresseerd in meer gave gravelroutes? Neem dan hier eens een kijkje.

Bij Oostelbeers verschijnt plots Den Ouwe Tôrre. Zomaar, midden in het landschap. Zonder kerk. Zonder dorp dat hem nog nodig heeft. Alleen. Het verhaal gaat dat de kerk ooit afbrandde. Of is ingestort. Of langzaam verdween tot alleen de oude toren overbleef. Niemand weet het precies meer, en dat maakt het verhaal natuurlijk alleen maar beter. Hij staat daar stoïcijns, alsof hij wil zeggen: ‘dit is wat overblijft wanneer alles verdwijnt’. We maken een foto. Drinken wat en fietsen verder.

Helse beproeving

Het gravel wordt grover. De Buikheide opent zich als een geheim dat alleen wordt gedeeld met wie bereid is zijn banden vuil te maken. Het pad slingert tussen heidevelden en bosranden, soms smal, soms breed, maar altijd mooi. Gesprekken vallen stil. Niet uit vermoeidheid, maar wel uit respect voor de omgeving.

Zoals elke bedevaart kent ook deze route haar beproeving. De Hemelrijksestraat klinkt veelbelovend, maar blijkt een zandstrook van bijbelse proporties. Gelukkig duurt deze hel slechts zolang als nodig is om de hemel daarna weer te kunnen prijzen. Wanneer de grandioze gravelstroken van de Landschotse Heide opdoemen, voelt het als vergeving.

Brabantse verlossing

En dan, als door een oppermachtige interventie, verschijnt Herberg In den Bockenreyder. Misschien wel de meest Brabantse herberg van Brabant. Fietsen worden buiten tegen de bar tegen gezet, strategisch zodat we ze goed kunnen zien. Ons eerdere gesprek krijgt hier meteen de praktische uitvoering. Binnen zijn de stoelen niet nieuw, onze tafel wankelt een beetje, maar de gastvrijheid is onverwoestbaar.

De menukaart, in Brabants dialect, vraagt om een grote glimlach. Om ons heen komen uitsmijters langs die de zwaartekracht tarten. Roggebrood dat ruikt naar vroeger. We bestellen koffie, thee, twee ‘spieje’ appeltaart (‘mee un schòltje slagroom’) en ‘un spie’ kersenvlaai (‘vur de snoepkonte: mee stukskes witte sjokla’) die zo royaal is dat hij bijna een eigen postcode verdient. Alles smaakt beter na ruim 60 frisse voorjaarskilometers.

"We bestellen koffie, thee, twee ‘spieje’ appeltaart en ‘un spie’ kersenvlaai die zo royaal is dat hij bijna een eigen postcode verdient"

De herberg is gevuld met wandelaars en fietsers van alle soorten. Racefietsers, gravelaars, e-bikers en een enkeling uit de buurt op een oude omafiets. Wat maakt het uit, hier overduidelijk helemaal niks. We zijn hier samen omdat het kan. Omdat het goed is in het Brabantse land en er ergens tussen hel en hemel een pad loopt dat gevolgd moet worden.

We betalen, stappen weer op en fietsen verder. Nog dertig kilometer te gaan. “Denk je dat het gaat regenen?”, vraag ik terwijl de lucht betrekt. “Vast,” hoor ik naast me. “Boeiuh, we zijn toch al buiten.”



Terug naar de hemel
De laatste kilometers zijn een prachtige samenvatting van de dag. Een stukje asfalt, dan weer gravel en opnieuw wat klinkers. We passeren nog een paar laatste kapelletjes als ook de zon nog even doorbreekt. Natuurlijk doet zij dat nu, aan het eind van de route; regelmatig het lot van ons fietsers. En dan verschijnt Herberg Den Hemel weer aan de horizon. Alsof de dag zichzelf heeft rondgefietst.

"We passeren nog een paar laatste kapelletjes als ook de zon nog even doorbreekt"

De drankjes die we nu bestellen smaken anders dan die van vanochtend. Beter misschien. Of gewoon verdiend. De fietsen staan buiten tegen de muur. Banden vies, de frames bespat met modder. Het bewijs van een mooie dag buiten, het besef waarom we dit zo graag doen.

“Goeie route”, zegt de fotografe. “En vooral een mooie dag samen op pad”, voeg ik toe. Want soms gaat het niet om de bestemming. Soms gaat het om de knisperende weggetjes. Om de stilte tussen alle woorden onderweg. Om kapelletjes die iemand onderhoudt. En om een herberg waar ze begrijpen wat gastvrijheid is. Ergens tussen hemel en hel hebben we gevonden wat we zochten en dat is precies goed. Zoals ze dat in Brabant zo mooi zeggen: “Ge zed hier altèèd welkom. Houdoe en bedankt.”

Download de route

De route van 90 kilometer begint bij Herberg Den Hemel (Goirlesedijk 2A, Hilvarenbeek). De lange route van 130 kilometer start in Helvoirt en gaat onder meer door de Kampina, een van de oudste gebieden van Natuurmonumenten.


Pluspunten
+ De Landschotse Heide
+ Nieuwe gravelpaden in Oirschot en omstreken
+ Bijzondere stop: herberg In den Bockenreyder

Minpunten
- Bij droog weer: enkele uitdagend mulle zandpaden
- Minder gravel dan op de Veluwe en in de Achterhoek
- Soms smalle fietspaden = drukke fietspaden in de zomer

Download de 90 km route

Download de 130 km route

Tekst: Merijn Heijne
Beeld: Maks Groeneveld



 
Gravelroute: Tussen Hemel en Hel
Redactie Fietssport
Door Redactie Fietssport

Redactie Fietssport

Dit vind je misschien ook interessant