Het is halverwege augustus wanneer Jeffrey en ik in onze fietsoutfits op het dek van de ferry naar Kristiansand in Noorwegen staan. Diep onder ons zijn de gravelbikes opgeborgen in het ruim.
In Kristiansand begint direct ons bikepacking avontuur; de route start letterlijk in de haven. Want hoewel we vaak horen dat je de Noorse magie in het verre noorden vindt, gaan we de uitdaging aan om het échte Noorwegen te ontdekken, maar dan op een manier die bereikbaarder en budgetproof is. Je rijdt gewoon naar de haven van Hirtshals in Denemarken, laat daar de auto achter en neemt de fietsen mee op de boot.
Allemansrecht
Die toegankelijkheid wordt versterkt door het allemansrecht: het recht dat iedereen vrij is om in de natuur te zijn en te wildkamperen. Klinkt fantastisch, maar toch weet je nooit wat je kunt verwachten. Als we aankomen bij de eerste slaapspot, twijfelen we toch. Het is een mooi onderhouden bos en in de verte horen we de geluiden van de bewoonde wereld. Hier slapen voelt toch brutaal. Een wandelaar ziet onze twijfel. “Jullie kunnen hier gewoon slapen hoor. Fantastische plek!”, roept hij ons toe. Bijna verbaasd door die vanzelfsprekende vriendelijkheid, zetten we ons tentje op. Terwijl de avondmaaltijd pruttelt, weten we: dat wildkamperen komt wel goed.
"Terwijl de avondmaaltijd pruttelt, weten we: dat wildkamperen komt wel goed"
De volgende dag volgen we de rotsachtige kustlijn langs typisch Scandinavische huisjes. We genieten volop, maar verlaten na zo’n dertig kilometer de kust om landinwaarts te trekken. Brede gravelstroken voeren ons door bossen en langs rivieren waar vissers geduldig het moment afwachten tot een zalm zich aan hun aas werpt. Dorpjes en winkels zijn schaars en daarom hebben we die van tevoren zorgvuldig uitgezocht. We laten geen kans voorbijgaan om een zoet broodje en koud colaatje te scoren.
Meditatief gravelen
In de dagen die volgen, worden we wakker van de vroege ochtendzon, baden we in koude meren en proppen we ons vol bij supermarktjes. Het leven draait nu om kilometers maken, voldoende eten en het vinden van slaapplekken. Het constante geknisper van steentjes onder de wielen en het volgen van de lijntjes op de fietscomputers werken meditatief.
"Het leven draait nu om kilometers maken, voldoende eten en het vinden van slaapplekken"
Wanneer we een privéweg op moeten, vrezen we even dat we kilometerslang terug moeten fietsen. Gelukkig staat aan het begin van de weg een boerderij. De boer komt op ons af. “You want to stay here?”, vraagt hij - zijn vriendelijkheid maakte onze dag. Gelukkig kunnen we doorfietsen, ‘only not vroom vroom’, voegt hij er met een knipoog aan toe. Prachtige kilometers volgen. We vragen ons af of de boer zelf nog net zo van deze omgeving geniet als wij nu doen.
Op dag vier rijden we over de mooiste gravelwegen tot dan toe: brede stroken door ongerepte natuur, langs hagelwitte en Scandinavisch rood geschilderde huisjes. We naderen Lundevatnet (vatnet = meer) en kunnen de camping bijna zien… maar de weg ernaartoe is druk, met lange tunnels. We kiezen voor de omweg. Een gemene klim met stijgingspercentages van twintig procent dwingt ons tot lopen, terwijl wespen ons gezelschap houden.
"We rijden over de mooiste gravelwegen tot nu toe: brede stroken door ongerepte natuur, langs hagelwitte en Scandinavisch rood geschilderde huisjes"
De afdaling maakt gelukkig alles goed: het meer schittert in het zonlicht en de benen krijgen even rust. De camping blijkt gesloten en wildkamperen is hier helaas geen optie. Een tegenvaller. We fietsen door naar Moi en boeken een goedkoop motel. We hoeven geen tent op te zetten, kunnen onze kleding wassen en warm douchen, maar toch missen we ‘s nachts de geluiden van de natuur.
De route voert ons terug naar de kust, waar we een deel van de Noordzeeroute volgen. Het is een aaneenschakeling van rotspartijen, kleurrijke havens en korte, pittige klimmetjes. We sluiten de avond af op het strand en slapen op een camping in de duinen.
Het stille midden
Vanaf de kust fietsen we ruim honderd kilometer naar het noorden. Het is niet het spannendste deel van de route, maar wel het deel waarin onze wilskracht het meest wordt getest. We worden stiller. Horen enkel nog de wind en het gezoem van de banden op het asfalt. Rechte wegen strekken zich eindeloos uit, vaak vals plat omhoog, terwijl we langzaam het hoger gelegen landschap intrekken.
Zo halverwege de tocht lijkt zowel het begin als het einde ver weg. Ik denk terug aan fantastische afgelopen dagen, maar weet ook dat het zwaardere stuk nog komt. Het lichaam beweegt, het hoofd dwaalt. Toch is er genoeg om van te genieten: wildkamperen langs het Oltedalsvatnet, de dag afsluiten met een duik en de ferry-overtocht over het fjord naar Oanes.
Na de oversteek verandert de toon van de reis. We naderen het gebied rond de Lysefjord, waar we enorm naar uitkijken. Vanaf de noordkant rijden we de fjord tegemoet, op weg naar de ferry die ons naar Lysebotn zal brengen. De weg ernaartoe is betoverend mooi en belooft veel goeds voor wat komen gaat. De overtocht voelt als een welkome pauze, met bijzonder uitzicht op de iconische rotspartij Preikestolen.
27 haarspeldbochten
Lysebotn bestaat uit een handvol huizen, een kapel en twee eetgelegenheden, waarvan één bij de camping hoort. We bevinden ons duidelijk op een populaire basejump-hotspot; het café hangt vol videoschermen waarop sprongen worden afgespeeld. Niet aan ons besteed. Wij maken ons op voor onze eigen uitdaging: de beklimming van de Lysevegen-pas morgen.
De Lysevegen pas telt 27 haarspeldbochten en is de enige weg die Lysebotn uit leidt. In bijna negen kilometer klimmen we ruim 800 meter, met een gemiddeld stijgingspercentage van 9,6 procent. De eerste haarspeld bevindt zich in een kilometerlange tunnel - een staaltje Noorse ingenieurskunst dat de klim meteen een eigen karakter geeft. Zodra we het daglicht weer zien begint het echte klimwerk. Bocht na bocht gaan we omhoog. Tegen verwachting in is het goed te doen, de fietsen zijn zwaar maar we schakelen naar het lichtste verzet en vliegen - zo voelt het althans - omhoog.
"De weg kronkelt door een ruig, leeg en rotsachtig decor. Achter elke bocht wacht iets nieuws"
Op de top is het koud. Toch verdwijnt de kou naar de achtergrond zodra we het landschap in rijden. Dit is waarvoor we kwamen. Sterker nog: het overtreft onze verwachtingen. De weg kronkelt door een ruig, leeg en rotsachtig decor. Achter elke bocht wacht iets nieuws. De wind staat nu in de rug en blaast ons het landschap in.
Kilometers later komen we voor het eerst andere fietsers tegen. Ook bikepackers. We knikken naar elkaar, alsof we zeggen: wat jullie straks gaan zien, is het waard. In Ådneram trakteren we onszelf op een overnachting in een warme lodge, pal naast een supermarkt - één van de weinige die op zondag open is. Koken op een fornuis en eten aan tafel voelt plots als pure luxe.
De offday
De volgende dag is zwaar en bitterkoud. Alle lagen gaan weer aan. De wind komt nu van alle kanten. Veertig kilometer lang fietsen we op hoogte, op een lange weg zonder afslagen. We worden scherp in de gaten gehouden door de schapen om ons heen. De natuur is nog steeds indrukwekkend, maar de kou en eindeloosheid maken het lastig om erbij te blijven. Misschien zijn we te comfortabel geworden in de warmte van de lodge. Uit focus geraakt.
"We fietsen dwars door het leefgebied van elanden"
Het is één van de mooiste dagen van de reis, en tegelijk een van de zwaarste. We hebben allebei een offday, maar moeten door. Trap voor trap. Heuvel op, heuvel af. Dan dalen we ruim zevenhonderd hoogtemeters naar het Setesdal. Het is er een stuk warmer. Dat geeft direct nieuwe energie. Dat komt ook door de wetenschap dat het vanaf nu vooral nog afdalen is naar Kristiansand. We doen nog twee dagen over dit laatste deel. Het zijn ontspannen dagen, en een perfecte afsluiter. We fietsen dwars door het leefgebied van elanden en turen constant tussen de bomen in de hoop er één te spotten. Ook al laten de koningen van het woud zich deze reis niet zien, het landschap ademt hun aanwezigheid.
Wanneer we Kristiansand weer binnenrollen, voelt de cirkel rond. De Southwest Norway Loop bewijst dat je voor een groots bikepackingavontuur niet naar het uiterste noorden hoeft. Deze route biedt alles wat Noorwegen zo bijzonder maakt: ruige natuur, mooie wegen, vriendelijke mensen en een zeldzaam gevoel van vrijheid, verrassend dichtbij.
Download de route
Zelf de Southwest Norway Loop (726 km/10.260 hm/30% onverhard) fietsen? Download hieronder de route, pak je spullen en spring in het Zuid-Noorse Kristiansand op je fiets voor een onvergetlijk avontuur.
Pluspunten:
+ Budgetvriendelijke en eenvoudige manier om Noorwegen te ontdekken
+ Divers landschap langs zee, door bossen en over hooglanden
+ Wildkamperen mogelijk
Minpunten
- Weinig supermarkten, plan vooruit en neem genoeg mee
- Weinig alternatieve wegen waardoor je vrijwel niet kunt afsteken
Download de route
Tekst en beeld: Maks Groeneveld