Laatst gewijzigd op 28 oktober 2020
Laatst gewijzigd op 28 oktober 2020

De Buffalo Soldiers waren de eerste mountainbikers

In de zomer van 1897 baanden een twintigtal Afrikaans-Amerikaanse soldaten zich op stalen rossen een moeizame weg door het Wilde Westen. Ze trapten van Wyoming naar Missouri, een 3000 kilometer lange helletocht.
De Buffalo Soldiers waren de eerste mountainbikers

Eerste mountainbikers

De mannen op de bovenstaande foto zou je de allereerste mountainbikers kunnen noemen. Of gravelbikers. In de zomer van 1897 maakten ze namelijk een 3000 kilometer lange fietstocht dwars door de Amerikaanse wildernis. Op stalen rossen. Over uitgesleten geitenpaden, kaarsrechte karresporen en uitgesleten gravelwegen. De bepakte en bezakte bikers waren onderdeel van het Buffalo Soldiers Infantry Regiment, een legereenheid die uitsluitend bestond uit Afro-Amerikaanse soldaten. Een twintigtal van deze soldaten vormden op hun beurt weer het 25th US Army Bicycles Corps. 

Stalen ros

Getriggerd door de opkomende populariteit van de fiets wilde de Amerikaanse legerleiding eind 19e eeuw weten of stalen rossen een goedkoop en snel alternatief voor (dure) paarden zouden kunnen zijn.

"Een armed wheelman kan makkelijker zijn vijand besluipen."

Met name generaal Nelson Miles, hoofd van de strijdkrachten, wilde de proef wel eens op de som nemen. Hij was na het bijwonen van een fietsrace in het New Yorkse Madison Square Garden onder de indruk van de snelheid van de baanrenners. “In tegenstelling tot een paard heeft een fiets geen behoefte aan voedsel, water en rust. Een stalen ros zal daarom ook minder snel geneigd zijn om door zijn hoeven te zakken. Een fiets is bovendien kleiner en stiller dan een paard, waardoor een 'armed wheelman' makkelijker zijn vijand kan besluipen,” tekende Miles later in zijn dagboek op.

Fietsende vechtjassen

En zo kwam het dat in de snikhete zomer van 1897 zo'n twintig zwarte soldaten in volle vaart door de Amerikaanse wildernis trapten. Van Fort Missoula in Montana, via Wyoming, South-Dakota en Nebraksa naar St. Louis in Missouri. Een afstand van ruiim 3000 kilometer. De uitrusting van de fietsende vechtjassen bestond uit een stalen ros (13 kilo) die was volgehangen met tassen. Hierin zaten o.a. een warme deken, tentdoek, 1 setje ondergoed, 2 paar sokken, 1 tandenborstel en het nodige voedsel gepropt. Op de rug van de mannen bungelde ook nog een geweer van 5 kilo.

Bikende bikkels

Het fietsregiment kreeg het vanaf de start meteen voor de kiezen. Zware regenval veranderde de wegen in sompige geitenpaden. “We zakten diep weg in de blubber. Afstappen en lopen was vaak de enige oplossing. Ontelbare keren moesten we stoppen om even op adem te komen,” schreef een leidinggevende lieutenant later in zijn reisverslag.

"Sommige soldaten zakten ‘s avonds spontaan door hun hoeven."

Alsof dit nog niet genoeg was, werden de doortrappers ook blootgesteld aan extreme (woestijn)hitte, slangenbeten, ziekte en zeerte. Sommige soldaten zakten ‘s avonds spontaan door hun 'hoeven' en konden alleen met de nodige paardenmiddelen weer worden opgepept. Desondanks trapten de bikende bikkels toch nog zo’n 80 kilometer per dag weg. 

'Most marvelous' prestatie

Na veertig dagen ploeteren bereikte het fietsregiment eind juli het einddoel, St. Louis. De uitgewoonde soldaten werden als helden onthaald. De lokale kranten spraken van een 'most marvelous' prestatie. De legerleiding was minder onder de indruk. De moeizame voortgang over onverharde wegen, de leegte van het  Amerikaanse binnenland en de goede beschikbaarheid van paarden betekende dat de Buffalo Soldiers nooit meer hun bikes hoefden op te zadelen.

In het spoor van de Buffalo Soldiers

Een paar jaar geleden trad de Zwisterse MTB-pro Peter Wildhaber in de voetsporen van de Buffalo Soldiers door ook van Montana naar Missouri te fietsen. Hij deed dit, gekleed in uniform, uiteraard op een stalen doortrapper. Bekijk HIER zijn videoverslag.

Geschreven door Ard Krikke

Deel dit artikel