• Materiaal
  • Gewijzigd op 16 maart 2024

Test: Specialized S-Works Roubaix

Amerikanen zijn veelvraten. De Specialized Roubaix vormt hier geen uitzondering op; hij eet bijna alles op wat je ‘em voorschotelt. Van klinkers tot kasseien en van asfaltstroken tot grindwegen. Op pad met een veelzijdige alleskunner.
Test: Specialized S-Works Roubaix
Test: Specialized S-Works Roubaix
Met de handjes bovenop het stuur stuif ik over een kaarsrechte grindweg. De wind blaast lekker in mijn rug. Ik zie zwarte hooglanders her en der in de omliggende heidevelden liggen. In de verte doemen twee griezelige gestaltes op die als wachters aan weerzijden van het pad staan. Met dik dertig kilometer per uur flits ik ze voorbij. Het blijken de beroemde dode bomen van het Deelerwoud te zijn. Hun dramatische gevormde takken steken scherp tegen de grijsblauwe lucht af. 

“Hoewel mijn benen bij lange na niet in de buurt van een V8-motor komen, heb ik toch het gevoel over het asfalt te vliegen”

De nieuwe Roubaix S-Works SL8 waarmee ik onderweg ben laat zich niet uit het veld slaan door het natuurgeweld. Dankzij de verende voorkant (Future Shock) en de comfortabele achterkant (After Shock) verslikt de klasbak zich geen moment in de kiezels en kuilen die ik hem voorschotel. Als ik ter hoogte van Vliegbasis Deelen de verharde weg opdraai, schiet de Roubaix er helemaal als een Amerikaanse muscle car vandoor. Hoewel mijn benen bij lange na niet in de buurt van een V8-motor komen, heb ik toch het gevoel over het asfalt te vliegen. Niet slecht voor een fiets die ooit werd ontworpen om de kasseien tussen Parijs en Roubaix een kopje kleiner te maken.

Gemaakt voor de hel

Zo’n 20 jaar geleden werd de eerste Roubaix door Specialized gelanceerd als de ultieme cobble killer. Dat dit geen loze marketingpraatjes waren, bleek toen mannen als Tom Boonen (2008), Fabian Cancellara (2010), Niki Terpstra (2014) en Philippe Gilbert (2019) op een Roubaix het gelijknamige wielermonument wonnen. In totaal kwam het comfortabele racekarretje maar liefst zeven keer als eerste over de meet in de ‘Hel van het Noorden’. Hiermee plaveide Specialized de weg voor de populairste racefiets-categorie van dit moment: de endurance racer. A hell of a ride zou je kunnen zeggen op z’n Amerikaans.

Na deze zegereeks had Specialized er voor kunnen kiezen om op z’n lauweren te gaan rusten. Het motto van het merk is echter Innovate or Die, dus kwamen de fietsfanaten uit Californië begin dit jaar met de nieuwste generatie van de befaamde fiets op de markt. Het grootste verschil met het vorige model (uit 2020) is dat de endurace racer nog smoother is geworden. Lees: hij verslindt nu bijna alles wat je hem voor de voeten werpt.

"Het vernieuwde Future Shock 3.0 veringssysteem voorkomt dat je tanden niet uit je mond klapperen als je over kasseien knalt"

Zo voorkomt het vernieuwde Future Shock 3.0 veringssysteem dat je tanden niet uit je mond klapperen als je over kasseien knalt. Daarnaast stap je dankzij de flexibele zadelpen na een lange rit over slecht wegdek niet met een gebroken rug van het zadel. Tenslotte draagt de mogelijkheid om sloffen tot 40 mm te monteren ook bij aan het comfortabele rijgedrag van deze Amerikaanse allesvreter.

Smoother is faster

Als je oneffenheden gladstrijkt, ben je volgens Specialized altijd sneller. Daarom werd de nieuwe Roubaix SL8 volgestouwd met technologieën die voor een soepele rit moeten zorgen. Te beginnen met Future Shock 3.3. Dit vernuftige veringssysteem bevindt zich tussen de stuurpen en de balhoofdbuis en biedt 20mm aan veerweg. Voldoende om de ergste klappen op te vangen. Net als bij de vorige versies van de Future Shock kun je de vering door middel van een draaiknop, bovenop de stuurpen, eenvoudig vastzetten. Dit werkt overigens alleen bij de duurdere uitvoeringen van de Roubaix (de S-Works en de Pro). De goedkopere modellen zijn niet uitgerust met een lockout.

Aan de achterkant doet After Shock onvermoeibaar zijn dempende werk. Eigenlijk is dit niks meer of minder dan een carbon zadelpen die door de lage zadelpenklem zover naar achteren kan buigen dat hij voor extra comfort zorgt. Om ruimte te maken voor deze flex ziet de zadelbuis, in tegenstellig tot de fraaie Pavé pen, er ietwat lomp uit. 

Om er zeker van te zijn dat je met de Roubaix nog steeds de stenen uit de straat trapt, hebben de knappe koppen van Specialized het hoogwaardige frame (Fact 12r carbon) nog iets aerodynamischer én lichter (50 gr) dan zijn voorganger gemaakt. Deze verbeteringen zouden een voordeel van een paar watt moeten opleveren. Allemaal leuk en aardig, maar hoe rijdt-ie nou in de praktijk?

Veelzijdige veelvraat

Al tijdens mijn eerste rit geef ik de Roubaix een serieus pak rammel. Ik heb een 100 km lange lus over de Veluwe uitgestippeld. Op het menu staat uiteraard het nodige asfalt, maar ook een flinke portie gravel (Loenermark, Deelerwoud, Loenense watervallen). Zowel op de rechte stukken als in de heuvels gaat de Roubaix als de brandweer. De sportieve zit, het stijve frame en het lichte gewicht zorgen er voor dat de endurance racer niet veel langzamer is dan mijn eigen dikke aero racer. Iedere trap is raak.

Wat me opvalt is dat de 32 mm banden Specialized Mondo bandjes verrassend makkelijk rollen: de fiets trekt op als  een stock car en blijft makkelijk op snelheid. Iets minder flitsend is het stuurgedrag; deze is minder strak dan ik gewend ben. Wellicht komt dit doordat voorvering in de lockout stand toch een beetje meegeeft.

“Ook grovere gravelstroken worden moeiteloos door de veelvraat opgeschrokt”

In de buurt van Loenen stuur ik de Roubaix de onverharde weg op. Ik draai de Future Shock helemaal open en trap het gaspedaal diep in. Grind, gaten, hobbels: de Roubaix eet ze met huid en haar op, mits het niet te heftig wordt. De verende voorkant en de dempende achterzijde strijken niet alles glad, maar zorgen er wel voor dat ik niet als een lappenpop door elkaar wordt geschud. Ook grovere gravelstroken worden moeiteloos door de veelzijdige veelvraat opgeschrokt. 

Ik de weken die volgen blijf ik me verbazen over de snelle slokop. Van kaarsrechte ritten in de Flevolandse polder tot klimtochten op de Utrechtse Heuvelrug en van schots en scheef liggende klinkers in de Eempolder: de Roubaix verslikt zich nergens in. Heerlijk. Ook laat de veelzijdige fiets zich met 40mm bandjes makkelijk omtoveren tot een razendsnelle gravelracer. Om dit uit te vinden doe ik mee aan een paar graveltoertochten die op de Fietssport kalender staan: Oudejaarstocht, Beemd en Bergtoer en Gooische Strade Bianche. Lang verhaal kort: de Roubaix laat zich nergens uit het veld slaan. 
 
Ook een graveltocht fietsen? Onze Fietssport kalender staat stampvol toffe graveltochten. Er is dus altijd wel eentje bij jou in de buurt.



Conclusie

Met de nieuwe Roubaix is het alsof je met een paar Hoka hardloopschoenen onderweg bent; de fiets is razendsnel, licht en ook nog eens retecomfortabel. Ideaal als je op zoek bent naar een racer waarmee je echt alle kanten op kunt. Met alle kanten bedoel ik racen op asfalt, maar ook serieus gravelen op onverharde wegen (in Nederland). Dit laatste was voor mij echt een aangename verrassing. 

De SL8-uitvoering die ik op zijn staart mocht trappen kost een slordige 14.000 euro. Daarvoor heb je een beul van een bak die amper 7 kilo weegt en afgemonteerd is met toponderdelen (SRAM Red eTap schakelgroep en carbon Roval velgen). Gelukkig heeft Specialized ook modellen in huis die een aanzienlijk minder grote hap uit je budget nemen. Zo heb je al een Roubaix voor 2.800 euro. Dat is dan weer niet veel voor een fiets die overal zijn tanden inzet. Eet smakelijk!

Pluspunten

•    Veelzijdigheid
•    Comfort
•    Snel

Minpunten

•    Topmodel is reteduur
•    Future Shock 3.3 (hydraulisch, lockout) zit alleen op duurdere modellen
•    Sloom stuurgedrag

Meer info: www.specialized.com
 
Ard Krikke
Door Ard Krikke

Verslingerd aan mountainbiken en wielrennen. Is gek op singletracks, maar vindt het ook heerlijk om over kaarsrechte polderwegen te racen. Staat daarnaast regelmatig op zijn windsurfplank en hoopt iedere winter – tegen beter weten in – op de Elfstedentocht.

Dit vind je misschien ook interessant