Laatst gewijzigd op 21 september 2016
Laatst gewijzigd op 21 september 2016

Bezoek aan het Mountainbike Museum in Arnhem

Sinds 2015 kent Nederland een heus mountainbikemuseum. Jeroen van Roekel redde honderden historische terreinfietsen van de ondergang en opende in Arnhem zijn museum.
Bezoek aan het Mountainbike Museum in Arnhem

Je allereerste mountainbike. De fiets, waarmee jij trots als een pauw de eerste kilometers in het terrein maakte. De bike, die je na elke rit tot in de kleinste hoekjes poetste, maar die desondanks langzaam maar zeker zijn glans verloor om uiteindelijk plaats te maken voor iets nieuws: sneller, lichter en met vering. Al ruim twintig jaar zoekt Jeroen van Roekel in de enorme berg aan ingeruilde mountainbikes naar bijzondere exemplaren. Vele honderden verzamelt hij er en slaat ze op in zeecontainers. Totdat hij in het najaar van 2013 tegen een leegstaand schoolgebouw aanloopt, gelegen aan de rand van Arnhem, op een steenworp afstand van de Veluwe. Een schitterende locatie voor een mountainbikemuseum. Een museum, dat na maanden van opruimen, schoonmaken en verbouwen op 12 juli 2015 zijn deuren opent. Een lang gekoesterde droom komt uit.

Ken je klassiekers

Het is fris in de voormalige gymzaal. Jeroen van Roekel opent de deur van een grote houtkachel en gooit een paar blokken hout op het vuur. Knetterend vat het hout vlam. Met een brede grijns op zijn gezicht schuift hij zijn pet een stukje naar achteren. “Ik denk dat je een bepaalde gekte moet hebben”, lacht hij. “Sommige mensen vragen me wel eens wat ik doe voor de kost. Als je dan antwoordt dat je directeur bent van een mountainbikemuseum dan wordt daar meestal wel raar op gereageerd.” Die gekte begint met zijn eerste aankoop: tien afgedankte huurfietsen bij een fietsenmaker uit Ede. “Als ik ze niet had gekocht, dan waren ze bij het oud ijzer beland. Da’s zonde”, zegt Van Roekel. Jeroen loopt naar een aftandse Specialized die tegen een houten klimrek leunt. “Neem nou deze mountainbike. Stond gewoon op Marktplaats, een advertentie met een vage omschrijving en een slechte foto. Maar mijn aandacht werd getrokken door een verchroomd Bull Moose stuur. Een Specialized met een Bull Moose stuur: dat moest haast wel een oude Stumpjumper zijn. Bleek het te gaan om een Stumpy uit 1982”, vertelt hij met twinkelende ogen.

“Sommige mensen vragen me wel eens wat ik doe voor de kost. Als je dan antwoordt dat je directeur bent van een mountainbikemuseum dan wordt daar meestal wel raar op gereageerd.”

Niet alleen de fiets zelf is bijzonder, maar ook hoe deze zeldzame klassieker naar Nederland kwam. Van Roekel: “De eigenaar van de Stumpjumper werkte op de grote vaart. Hij nam de fiets begin jaren tachtig mee uit de Verenigde Staten, toen er in Europa nog geen mountainbike te koop was. Door dat verhaal wordt deze Specialized alleen maar mooier.”

De mooiste van de klas

Is die Stumpy uit 1982 zijn meest waardevolle museumstuk? Jeroen van Roekel vindt het lastig om op die vraag een antwoord te geven. Hij wijst naar een puntgave full suspension van het zeer exclusieve merk Yeti, met een verende vork uit de fabriek van Answer Manitou, cnc gefreesde remmen van het merk Paul en een gesloten Tioga Disc achterwiel, volledig gemaakt van composiet. Een echte eyecatcher. “Kijk”, legt hij uit, “deze Yeti is natuurlijk een prachtige mountainbike, maar de titanium Merlin die er naast staat is voor mij veel waardevoller. De Merlin heb ik van een kameraad gekregen. Ik weet wat hij met die bike allemaal heeft meegemaakt en daardoor is het voor mij veel meer dan een frame met twee wielen. De waarde van een fiets? Die wordt wat mij betreft niet alleen bepaald door de som der dingen.”

Vol enthousiasme loopt Jeroen van Roekel door de oude klaslokalen. Gepassioneerd vertelt hij over de technische evolutie van de mountainbike. Hoe staal als framemateriaal plaats maakte voor steeds dikkere aluminium buizen, gevolgd door magnesium, titanium  en uiteindelijk carbon. Hij toont hoe de ingenieurs de voor- en achtervering steeds verder doorontwikkelden. Hoe fietsproducenten volop experimenteerden met framebouw en geometrie, maar ook dat het ontwerp van het frame mede werd bepaald door de onderdelen die op dat moment op de markt waren. Van Roekel: “De achtervorken van de eerste volledig geveerde mountainbikes van de Amerikaanse framebouwer GT hadden van die lelijke buisstompjes aan de aandrijfzijde. Uiteraard met een reden. Er bestonden destijds alleen voorderailleurs die je met een klemband om de zitbuis bevestigt en daardoor was het nodig om een extra stuk buis aan de achtervork te lassen. Dat vind ik nou leuke dingen om te laten zien, om duidelijk te maken.”

Verrassing

In het museum staan complete mountainbikes van meer dan 150 verschillende merken. Is zijn collectie compleet? Absoluut niet! Jeroen van Roekel heeft inmiddels van de grote merken wel zo’n beetje alles verzameld en is nu op zoek naar de meer bijzondere bikes. “Ik heb nog een Specialized Stumpjumper Epic Ultimate met blanke, titanium lugs op mijn verlanglijstje staan”, verklaart hij. “Oh ja, en een Trimble”, vult hij aan. Dus kijkt hij regelmatig alle advertenties op Marktplaats en Ebay na. “Ik heb een tijd geleden een mountainbike gekocht waar er op de hele wereld maar drie van zijn”, vertelt Van Roekel trots. “Gebouwd door een Duitser. Die man was gespecialiseerd in het maken van rolconstructies voor raceauto’s en wilde ook wel eens proberen om zelf een frame te lassen.”

In een hoek staat een vreemd uitziende mountainbike. Het blijkt een zeldzame full suspension van de fietsenbouwer Whyte te zijn met een door BMW ontwikkelde vering. Volgens Van Roekel een fantastisch ding. “Toch ging daar destijds niemand mee rijden, want het zag er niet uit!” En die fiets kostte je bovendien een vermogen.”

Ingeklemd tussen een Giant Super Sierra uit Taiwan en een glanzend gepolijste Amerikaanse GT Zaskar LE ontdek ik een Specialized, een zwarte Stumpjumper Epic. Ik kan mijn ogen niet geloven. Het is mijn allereerste mountainbike! De fiets, waarmee ik trots als een pauw de eerste kilometers in het terrein maakte. De bike, die ik na elke rit tot in de kleinste hoekjes poetste, maar die desondanks langzaam maar zeker zijn glans verloor om uiteindelijk plaats te maken voor iets nieuws: sneller, lichter en met vering. Afgedankt? Niet als het aan Jeroen van Roekel ligt.

Dit artikel verscheen eerder in Fietssport Magazine

Geschreven door Maarten 't Hoen

Handje helpen?

Staat er bij jou op zolder nog een oude mountainbike waar je van af wilt of heb jij twee rechterhanden en zou je wel willen helpen om de mountainbikes in het museum op te knappen? Dan ben je van harte welkom op de Kemperbergerweg 5a in Arnhem.

Meer info

Deel dit artikel