• Toertochten
  • Gewijzigd op 7 juli 2026

Pietertocht Extreme: fietsende kermis in het onverlichte niets

Mijn vinger gaat de lucht in, temidden van de Fietssport redactie. Een impulsieve handeling van niks, maar het werkt mij goed in de nesten. Er is 510 kilometer lang geen weg meer terug, ik ga meedoen aan de eerste editie van de Pietertocht Extreme.
Pietertocht Extreme: fietsende kermis in het onverlichte niets
Pietertocht Extreme: fietsende kermis in het onverlichte niets
Tekst en beeld: Erwin Reijneveld

Neerlands langste langeafstand wandeling, maar dan op de fiets. Van Pieterburen naar de Pieterberg (Maastricht). Niet in een dag of 26, maar binnen 24 uur. Een pelgimage op steroiden. 

Central Events organiseert de eerste editie van wat zij 'de zwaarste georganiseerde fietstocht van Nederland' noemen. De route volgt zoveel mogelijk de etappeplaatsen van het bekende wandelpad. Met duidelijke deelnemersinformatie, voorbereidend webinar met een sportarts, en voor de liefhebber zelfs een whatsappgroep om tips, plekjes in de auto en spanning uit te wisselen. Deze interactie vooraf is mij nieuw, maar brengt de uitdaging tot leven. 

Van de eerste dikke banden race tot de Drenthe200 en alles wat er tussen zit. De fietsuitdagingen in Nederland zijn wel uitgespeeld. Dacht ik, tot ik mij hiervoor opgaf. Naarmate de Pietertocht dichterbij komt stijgen de zenuwen voor het onbekende.

Zeeën van asfalt

Met een GPS-tracker ben je tijdens de tocht online te volgen door vrienden en familie. Of door mij, nu ik onderweg naar de start alvast even kijk. Het is zaterdagavond, half zeven en ik zie hoe de eerste twee startgroepen al over de kaart van Nederland kruipen. Straks heb ik zeeën van asfalt om te ervaren of mijn keuze voor de snelste groep, die als laatste vertrekt, de juiste was. 

Op het startpleintje in Pieterburen zie ik nog maar een enkeling die de indruk wekt straks 510 kilometer te gaan fietsen. Toch liggen er nog 30 trackers als ik de mijne krijg uitgereikt. Ze zullen blijven liggen, van de 158 inschrijvers promoveren 129 tot starters. Is het de eindeloze tegenwind, de kans op regen of stak bij die 29 het verstand ineens de kop op? Ik voeg nog een snufje spanning toe.

Met het startsein klikken negen mannen in en vertrekken we naar het zuiden door eerst richting het noorden te rijden. Alleen de dijk voorkomt dat Waddenzee en renners elkaar zien. Zoals het hoort sneuvelen de zenuwen bij de start. Onrust rest en gaat wel mee. Hoe gaat het zijn in de nacht? Heeft de groep een groepsgevoel bij lek? En hoe zal de wind... ah windtegen, daar ben je al. Met een summier zonnetje rijden we een vredig Groningen uit. 

Blinde paniek

Blinde paniek in het eveneens rustige Drenthe. Bij Taarlo pak ik de eerste verzorgingspost en zie de groep doordenderen. Met volle bidons en de banaan en stroopwafel ergens onder het shirt zet ik gehaast de achtervolging in. Nu al trap ik flink in het rood, maar op één deelnemer na fietsen de 127 anderen voor mij. Het is nog 460 kilometer, een aardig stukje trappen. Daar kan je wel een groepje bij gebruiken. Na een minuut of tien eindelijk geen leegte aan het einde van de zoveelste lange weg. Is het een fata morgana of het groepje waar ik vurig op hoop en voor verzuur? Het is het groepje. 

Ik heb mijn plek verworven, het daglicht gaat langzaam uit en de regenspetters aan. Moeder natuur, behoeft windkracht drie nog wat neerslag, is de afstand niet 'extreme' genoeg? 

Handjevol feestgangers

Op een glimmend uitgaansplein in Hoogeveen ravitailleren we tegenover een kroeg. Een handjevol feestgangers komen ondanks de lichte regen bij de organisatie vragen wat er gaande is. “Deze mensen fietsen naar Maastricht”. Onbegrip in de ogen, Maastricht, juist… de alcohol lijkt er harder in te slaan dan ze dachten. 

De nacht neemt de avond over, de regen begint wat te dommelen. Knipperende achterlichten en stevige koplampen vormen een fietsend kermisje in het onverlichte niets. Lemelerberg, Holterberg, de Sallandse Heuvelrug is als een gesloten speeltuin. We verlichten zelf de trap en de glijbaan, maar zien daarbuiten niets. Naar de mores van een speeltuin sluiten we ook iemand buiten. Want over Klaas gaat het nu Vaak, zodat hij buiten de groep blijft.

“Bocht naar links!”, “versmalling!”, het is overdreven geschreeuw bij licht, maar adequaat alerteren bij duister. Men beseft dat het reactievermogen nu onbetrouwbaar is. Bij momenten geniet ik, hoe onze bak van licht door de duisternis glijdt. Een geheel nieuwe ervaring, en dat gewoon in Nederland. 

Kom me maar halen, pa

We denkeren lekker door en rijden er twee los op een klimmetje. Na wachten (de verzameling fanatieke fietsers is een groep geworden) geeft één van hen het sein door te gaan zonder hem. De dertiger gaat zijn vader ouderwets uit bed bellen: 'kom me maar halen, pa'. Inmiddels passeren we steeds meer groepjes vroegere starters. Vaak fietsend, maar soms ook op zoek naar slaap langs de kant. Deelnemers vinden de creatiefste plekken om een powernap te doen. 

Klaas wil mij soms aantikken, de zware oogleden probeer ik hoofdschuddend en gekkebekkentrekkend te verjagen. Gelukkig maakt de bouillon van de stops mijn oogleden weer fris, waar ze zich voegen bij de benen. Voegen doet ook een fietsvriend in Doetinchem, vlak voor verzorgingspost vier haakt hij bij ons aan. De nacht is op zijn holst, maar de trots voor je omgeving kent geen kantoortijden. Hij rijdt ons naar het daglicht en belooft bij het uitzwaaien een mooi stuk richting Nijmegen. Het wordt meer wind en nieuwe regen; pak maar aan moraal! 

Heuvels in de verte worden langzaam heuvels achter ons. Post nummer vijf na Berg en Dal. Een organiserende dame vult de bevoorradingstafel aan, terwijl een deelnemer met haar al zijn argumenten deelt om er de brui aan te geven. Hij lijkt het begrip te kunnen gebruiken, terwijl diens vrouw met de auto onderweg is. Bij deze stop zijn twee smaken wielrenner waarneembaar: de zwijgzame en de klagende. Passerende wandelaars zien deze opmerkelijke sportbeleving en komen vast niet in de verleiding de fietssport eens te gaan proberen. 

Dotwachten

De berichtjes die ik onderweg krijg, de oom en tante verassend langs de kant; mijn omgeving is flink aan het 'dotwatchen' (mijn stip aan het volgen op de digitale kaart) geslagen. Het is een enorme motivator. Ik stap weer op en begin gewoon aan een toertocht van 190 kilometer, zo vertel ik mijzelf in deze grote hou-jezelf-voor-de-gek-exercitie. 

We volgen de Maas stroomopwaarts richting Venlo. Er is heel veel Maas te volgen tot Venlo. Het beloofde Venlo, daar waar mijn ouders vanuit Pieterburen gemotoriseerd vooruitsnelden en vanuit het hotel een vers croissantje met boter en jam meenemen naar bevoorrading zes. Trotse ouders, croissantje en het besef dat er nog maar 130 kilometers resteren, het vormt een afgifteloket van dopamine. Mijn fantasie over het hazenslaapje op de laadvloer van pa’s bestelwagen laat ik wegvliegen.  

Het gevoel ergens bijna te zijn kan eindeloos duren op een afstand als deze, zo begin ik langzaam te realiseren. Al voor ik gisteravond begon keek ik uit naar het binnenfietsen van Zuid-Limburg, ook mentaal de fietsmagneet. Ver genoeg van mijn woonplaats om er niet aan te wennen, dichtbij genoeg om er regelmatig te komen. Nog in het noordelijke Limburg begint het steeds meer inleidend te glooien, waardoor de haperende motoren in het groepje groeien. Maar na een stukje Duitsland duiken we bij Vaesrade met onze neus de vlaai in. De laatste stop is de entree van het hemelse heuvelland. 

Plaatselijke voetbalkantinevloer

De vlaaipunt en verse koffie missen hun uitwerking niet. Terwijl voor mijn voeten een gehelmde soortgenoot op de plaatselijke voetbalkantinevloer ligt te maffen, zoek ik de vertrouwde fiets weer op. Het einde van de oneindigheid vangt aan. De finish lonkt. Al moeten we nog wel óver de zwaarlijvige uitsmijter die op de rode finishloper ligt. Want we fietsen Schin op Geul in, met de camping op rechts en dus de Keutenberg voor je snufferd kruipen de kuiten uit herkenning alvast de schuilkelder in. 

Bekend terrein, maar toch een onbekend gevoel. Deze rit begon in Pieterburen, zo noordelijk als maar kan en nu fiets ik in dezelfde rit de Keutenberg op, om straks zuidelijk van de Nederlandse kaart af te vallen. Vooraf kende ik de route, maar niet dit onwerkelijke gevoel. De waarom-doe-ik-dit-eigenlijk-uren zijn veel groter in volume, maar leggen het toch af tegen dit tijdelijke gevoel. Wat is dit gaaf. 

Nu het voorzichtige zonnetje alweer even bij ons is volgt nog een noviteit. Bij het weerzien met de Maas raakt de wind ineens de andere kant van ons lijf. Rugwind! Terwijl we over de kade zoeven prijkt de gele krijtkalksteen van de Sint-Pietersberg tussen het groen. We rollen langs de ENCI-groeve, de laatste klim op. We verlaten het steil slingerende Slavante weggetje om onder een muurpoort door te fietsen en op een soort smal voetpaadje uit te komen tussen hoge heggen (je kan me in deze fase alles wijsmaken) om op de Zonnebergweg terecht te komen en naar het uitzichtpunt Sint-Pietersberg te klimmen. En dan, dan is de buit binnen!

Achter de finishboog is het leven goed. Renners worden met naam binnen gespeakert en krijgen onder steeds luider applaus een medaille omgehangen. Waarna ze gras en fans vinden om bij neer te ploffen. De benen zullen nog niet gerust zijn, maar er wordt ze echt niets meer gevraagd. De frisse drankjes en verse pasta worden gulzig genoten. Het vertellen van de stoere verhalen is begonnen. Ik vier de prestatie en de gezamenlijke beleving met mijn ouders. Het is zaak het koppie erbij te houden, dit gelukzalige moment gaat je doen vergeten hoe zwaar het was. Als ik niet oppas sta ik zo weer ingeschreven voor volgend jaar. 

De organisatie is in handen van een klein clubje enthousiaste mensen. Ze rolden een logistiek meesterwerk uit (ook voor hen een Extreme). Zeven bevoorradingen, bagageservice, pechhulp, shuttleservice, en maar blijven lachen. Ga er maar aanstaan. De persoonlijke betrokkenheid van hen droeg bij aan onze beleving. Pietertochtextreme.nl.




 
Bram De Vrind
Door Bram De Vrind

Gek van reizen én fietsen. Inspireert fietsers letterlijk hun grenzen te verleggen met reisverslagen op Fietssport.nl en in Fietssport Magazine.

Dit vind je misschien ook interessant