L'Étape du Tour

Samen met zijn broer reed Ruben Schortinghuis dezelfde bergrit als de profs in de Tour de France, de cyclo L'Étape du Tour. Een tocht van Briançon naar de top van de Izoard. Een afstand van 178 kilometer met 3.500 hoogtemeters.

L'Étape du Tour

Na een ontbijt van cruesli, kwark en koffie stappen we op de fiets en rijden naar de start in Briançon. In ons startvak kijk ik naar de deelnemers om ons heen. We bevinden ons in een zee van bontgekleurde wielrenners. Na het startschot knallen we al snel met een hoge snelheid Briançon uit. Mijn plan om in het eerste gedeelte niet voluit te gaan en energie te sparen voor het tweede gedeelte, laat ik direct varen. Eerst maar zien of ik de bezemwagen voor kan blijven. Op het eerste stuk snelweg haal ik renners in, maar word ook zelf veelvuldig ingehaald. Mijn broer verdwijnt in de verte. 

Snel op weg met een voedzaam ontbijt? Check ons havermout granola recept

Enthousiast publiek

Vlak voor de eerste klim is een verzorgingspunt ingericht, maar het is zo druk dat ik daar geen tijd verspil. Iets verderop zie ik een waterpomp en snel vul ik daar mijn bidons. De Côte des Demoiselles Coiffées, een klim van de 3e categorie, glijdt soepel onder mijn wielen door. Tijdens de afdaling zie ik een mafkees die afdaalt à la Chris Froome. Hij knalt op hoge snelheid links en rechts tussen andere deelnemers door en gaat vervolgens hard onderuit in de bocht. Ik slaag erin mijn tempo hoog te houden tot Barcelonnette. Daar prop ik snel een banaan in mijn mond en stop twee energierepen in mijn zak. Ik heb inmiddels een uur voorsprong op de bezemwagen opgebouwd. Op naar de klim van de Col de Vars, een klim van bijna twintig kilometer van de eerste categorie. Halverwege de klim voel ik mijn krachten wegvloeien. Harkend haal ik de top. Een hoop mensen komen wandelend boven, een deel van hen geeft op en loopt naar gereedstaande bussen die hen terug naar Briançon zullen brengen. Na een sanitaire stop spring ik op mijn Isaac en begin aan de afdaling.

Op de Col de Vars moet menig renner wandelend naar boven.

Kopwerk

Maar na een paar kilometer gaat de weg al weer omhoog. Eerst vals plat, maar daarna steeds steiler. Het is loeiheet. Een boer heeft een waterspuit vlakbij de weg gezet en langzaam fiets ik onder die douche door. Dat smaakt naar meer. In het volgende dorp stop ik bij de dorpspomp en duw mijn hoofd, met helm en al, onder water. Heerlijk. Als een hond schud ik het water van mij af en fiets verder. Nog vijftien steile kilometers. De witte strepen glijden steeds langzamer onder mijn wielen door. Rechts van mij bevindt zich een lange colonne van lopende wielrenners. Een man op sokken loopt sneller dan ik fiets. Ik wil opgeven. Basta! Ik ben totaal futloos en wil slapen. Uitgeteld slinger ik naar de zijkant en ga in het gras liggen. Een Engelsman naast mij belt zijn vrienden om te zeggen dat hij wat later komt.

"Nog vijftien steile kilometers. De witte strepen glijden steeds langzamer onder mijn wielen door." 

Hersteldrank

Dan valt mijn oog op een klein restaurantje aan de overkant van de straat. 'Coca-Cola, drie euro voor een halve liter', lees ik op een bord. Ik heb ineens reuze zin in Cola. Ik koop een fles en giet de inhoud naar binnen. Ik voel de moraal en kracht weer terugvloeien en wil het weer proberen. Na een kort wandelingetje stap ik op en merk dat het fietsen wel weer gaat. Tijdens de laatste kilometers op de Izoard fiets ik langs campers die al zijn begonnen met het vieren van hun Tourfeestje.  

Als je een flinke tocht fietst, transpireer je snel en raak je vocht kwijt. Zorg dat je op tijd drinkt.

Niet ver onder de top zie ik een geverfde riek op het wegdek. Het merkteken van wielerfanaat Didi Senft, alias de Tourduivel. Ik had die halve gare tijdens de wielermarkt in Briançon al gezien. Zat hij doodgemoedereerd een vette hap weg te werken op een morsig terrasje. Maar hier was hij in geen velden of wegen te bekennen. Leuk, dat aanmoedigen van Mollema, Froome en Contador, maar juist koekenbakkers zoals ik hebben een stevige aanmoediging nodig.

Wielerfanaat Didi Senft, alias de Tourduivel

Netjes op tijd

Als ik eindelijk over de finish kom leg ik mijn fiets aan de zijkant van de weg en ga er languit naast liggen. Dat ik midden in een drukke looproute pal voor een verzorgingspunt lig deert mij niet. Ik staar omhoog naar de blauwe hemel. Plots blokkeert het hoofd van mijn broer het uitzicht. “Kijk eens, netjes op tijd binnen. Ruim voor de bezemwagen!', zegt hij. Met enig leedvermaak zien we hoe anderen over de finish komen. Heerlijk om te zien dat je niet de enige bent die als een vaatdoek zo'n koers uitrijdt. Als vlak naast mij een man langdurig overgeeft, is dat voor ons het sein om te vertrekken. Na de finish is het nog twintig kilometer afdalen naar Briançon en eenmaal daar moeten we na het ophalen van de medaille weer naar de andere kant van het stadscentrum via een idioot steile weg. Nog eens acht kilometer verder parkeren we de fiets voor onze tent op de camping in Val-des- Près. De opgewarmde herstelmaaltijd kreeg ik niet weg. De ijskoude fles witbier en een zak chips wel. 

Tekst: Ruben Schortinghuis

Beeld: Sportograf